Tribal Talk

hét weblog voor online ondernemers

Mark van de Laak

 Hieronder vind je de 19 artikelen die ik heb geschreven voor Tribal Talk: 

2Jun

Budgetverdeling in Online Marketing

categorie: Internet Strategie Overig

Als je kijkt naar de bedrijven die actief bezig zijn met online marketing zijn er grofweg twee soorten te onderscheiden. Enerzijds de bedrijven die ouder zijn dan internet en een beweging online hebben gemaakt. Anderzijds zijn er bedrijven die hun businessmodel op internet gebaseerd hebben en bij wie online marketing de basis is van de gehele marketingmix.

Budgettering

Het meest interessante verschil tussen deze twee soorten is de opbouw en verdeling van het (online) marketingbudget. De ‘klassieke’ spelers werken vaak met de standaardregel dat het marketingbudget ongeveer 1% van de beoogde omzet mag zijn. Deze budgetten worden daarbinnen verdeeld volgens een marketingdoelstelling (bereik, merkbekendheid etc). Vaak zie je dat online marketing daar wel in meegenomen wordt, en het succes van de campagnes net zo beoordeeld wordt als bijvoorbeeld bij radio/tv-campagnes of in-store-promoties.

Bij de online spelers gaat het vaak heel anders. In principe is er in veel gevallen geen marketingbudget maar een salesbudget. Bij veel spelers is dit salesbudget zelfs oneindig, zolang het rendabel is. Of de investering rendabel is, wordt bepaald door alle kosten te delen door het aantal verkopen. Als de kosten per verkoop lager zijn dan de marge, kan het uit. Deze vorm van budgettering werkt natuurlijk prima bij bijvoorbeeld zoekmachine adverteren of affiliatemarketing.

Budgettering voor Display Advertising

Veel van onze klanten vallen in de laatste categorie. Bedrijven die online marketing snappen en daarmee hele mooie resultaten kunnen behalen. Ook deze klanten kijken tegenwoordig verder dan Adwords-campagnes en Affiliatemarketing en willen graag testen met display advertising. Wat men vaak echter niet realiseert dat display-advertising (bijvoorbeeld via het inhoudsnetwerk van Google) eigenlijk meer te vergelijken is met een TV-campagne dan met zoekmachine adverteren.

Met display voer je namelijk campagnes die niet of minder gericht zijn op directe verkoop maar die een enorm effect op je merkbekendheid en merkvoorkeur kunnen hebben. Voor deze campagnes zou je eigenlijk moeten budgetteren zoals de ‘klassieke’ spelers. Namelijk vooraf een doelstelling bepalen (ik wil dat mijn advertentie door zoveel mensen gezien worden of ik wil zoveel bezoekers op mijn site). Binnen die doelstelling moet je dan kijken wat je er voor over hebt. Als je dat weet kun je een goed plan maken voor je campagne, weet je waar je moet gaan staan (bereikcijfers zijn vaak openbaar) en weet je ook wat het op gaat leveren.

Conclusie

Ook ik het moderne landschap waarbij Internet Marketing een wezenlijk onderdeel is van de marketingmix, blijkt het oude budgetteringsmodel (incl. doelstellingen en KPI’s) nog werkbaar. Ik zou er voor willen pleiten dat elk bedrijf (jong en oud) een hybride budgetteringsmodel moeten hanteren. Een marketingbudget voor je marketingdoelstelling (merkbekendheid, merkvoorkeur maar ook bijvoorbeeld klanttevredenheid) en een salesbudget voor je ongoing verkoopinspanningen. Iemand het hier niet mee eens?

16Apr

Display advertising: de mogelijkheden

categorie: Affiliate Marketing Display Advertising Overig Websites Algemeen

De laatste tijd is er in ‘het wereldje’ veel te doen rondom ‘display advertising’, iets wat we vroeger gewoon ‘bannering’ noemden. De meningen zijn verdeeld, sommigen zeggen dat het ‘the next big thing’ is, anderen zeggen dat het een achterhaalde methode is van online marketing en totaal niet resultaatgericht is.

Wat is display advertising?

Display advertising is niets meer en niets minder dan het reclame maken op internet middels beeldadvertenties. Net zoals je dat vroeger deed met een advertentie in een krant of tijdschrift (print) of bijvoorbeeld via posters in bushokjes (outdoor). In de offline wereld is het nog steeds een veel gebruikte methode (en blijkbaar dus de moeite waard voor adverteerders).

Doelstellingen die zich lenen voor deze vorm van adverteren zijn vooral het opbouwen/bevestigen van merkbekendheid en productintroducties maar ook voor meer verkoopgerichte activiteiten kan het goed werken.

Hoe werkt display advertising?

Eigenlijk werkt het heel simpel. Je maakt een beeldadvertentie (banner) en je bepaalt waar je deze banner wil plaatsen. Er zijn vele studies geweest naar de meeste effectieve banner. Vaak werkt het als er mensen in voorkomen die je aankijken, een duidelijke call-to-action (klik hier) en niet te veel grafische elementen bevatten (max 10).  Zie bijvoorbeeld een onderzoek van Microsoft. Natuurlijk is het altijd verstandig om te testen met verschillende uitingen. Varieer daarbij met kleur, beeld, call-to-action, logo etc.

Nog interessanter is de vraag waar je de banner wil laten weergeven. Vaak wordt deze vraag uitbesteed bij een klassiek media-bureau dat dezelfde werkwijze hanteert als bij klassieke media. Er wordt een doelgroep geformuleerd en er wordt gekeken naar welke tijdschriften deze mensen lezen (volgens opgave van de tijdschriften zelf!). En hier gaat het mis. Media-inkoop op internet is anders en kan ook veel effectiever.

Media inkoop op internet

Om je banners op internet in te zetten zijn een aantal mogelijkheden. Het is zaak om op basis van je doelstellingen een keuze te maken tussen de verschillende mogelijkheden. Verschillende online bannerposities hebben namelijk ook verschillende impact op de kosten (afrekenmodel) en op het resultaat. Hieronder een kort overzicht van de mogelijkheden.

  • Rechtstreeks posities op grote websites inkopen
    • CPM-model (betalen per 1000 vertoningen)
    • Relatief duur
    • Vooral geschikt voor branding
    • Soms mogelijk om te targetten op verschillende doelgroepen (sociodemografisch)
    • Risicovol (weinig conversiegericht)
    • Vaak (tegen een meerprijs) mogelijk om een frequency cap in te stellen (ervoor zorgen dat iemand je advertentie maar maximaal 3 keer ziet in een bepaalde periode)
    • Meest te vergelijken  met adverteren in een krant of tijdschrift
  • Google Inhoudsnetwerk
    • CPC-model (betalen per click/bezoeker op je website)
    • Mogelijk om te targetten op websites maar ook op relevantie (keywords) en een combinatie daarvan
    • Ook mogelijk om tekstadvertenties te gebruiken (heeft vaak een hogere doorklikratio en conversie dan beeldadvertenties)
  • Affiliatemarketing
    • Geen directe invloed op waar je banner staat
    • Afrekenen per resultaat (betalen per lead of per sale)
    • 30 dagen cookietijd
  • Onverkochte advertentieruimte
    • Via uitgevers (MSN, Ilse, Marktplaats) maar ook via externe partijen binnen specifieke websites
    • Geen direct zicht op waar de banners staan
    • Afrekenen op CPC-basis met lagere CPC’s maar soms ook op resultaat (houdt wel rekening met postview)

In pripcipe is met alle bovenstaande mogelijkheden een mooi resultaat te behalen. Bedenk vooraf wat de doelstelling van je campagne is (bereik, verkeer of conversie) en test natuurlijk alles. Probeer ervaring op te doen met alle methodes en kijk wat het beste werkt.

13Feb

2009: Liever Leads via internet

categorie: Affiliate Marketing Bing Google Websites Algemeen

Stel het is 2001: je hebt al jaren een succesvol bedrijf en bent vooral offline actief. Op een gegeven moment ga je online (omdat je omgeving zegt dat dat moet). Je begint met een website en na een paar jaar(2006) besluit je om je producten en diensten ook online aan te gaan bieden. Je investeert immense bedragen in een webshop of een online aanvraagmodule en betaalmethodes (creditcards, iDeal, PayPal).

Zo gaat het bij veel bedrijven. Als de website eenmaal staat wordt gestart met online marketing. De eerste activiteiten zitten vaak rondom de zoekmachines (SEA en SEO) en bijvoorbeeld ook affiliatemarketing. Alles wordt uit de kast gehaald om zoveel mogelijk directe verkopen via de website te realiseren. Hierbij wordt de website een directe concurrent van de overige verkoopkanalen (fysieke winkels, catalogi en inbound callcenters). Read the rest of this entry »

17Dec

Web2.0: De hype voorbij!

categorie: Social Media Social Networks Websites Algemeen

Internet is aan het veranderen. Het internet zoals we dat een aantal jaren geleden nog kenden bestaat niet meer. En deze ontwikkeling is een logisch gevolg dat te plaatsen is een wetenschappelijke en cultuurhistorische context. Eigenlijk is Internet nu pas volwassen en ik zal hieronder laten zien hoe ik dat bedoel.

Tussen 2000 en 2005 studeerde ik Bedrijfscommunicatie & Digitale Media aan de Universiteit van Tilburg. Gedurende die opleiding werd ik door dr. Hans van Driel ingewijd in zijn ARIA-model. Dit model gaat er van uit dat elke innovatie, afhankelijk van zijn succes, een bepaalde ontwikkeling doormaakt vanaf de eerste ontwikkeling tot aan de inbedding in het dagelijkse leven. In het ARIA-model worden de volgende 4 fases erkend:

  • Amazement:
    Men is verbaasd over het nieuwe medium. Denk aan wat men gevoeld moet hebben bij het eerste trans-Atlantische telefoongesprek!
  • Resistance:
    Er is een weerstand tegen het nieuwe. Een natuurlijke reactie van de mens. Kijk maar naar de angst van platenmaatschappijen voor MP3 en P2P-networking.
  • Imitation:
    Om de waarde te bewijzen wordt het medium gebruikt voor iets dat we al konden, iets dat niet uniek is. De eerste auto’s werden uitgerust met een haak, zodat je de auto, net als je paard, aan een paal kon binden. De eerste uitzendingen op TV bestonden uit uitvoeringen van toneelstukken. Zelfs de basis van moderne zoekmachines ligt in oudere Information Retrieval systemen die de Egyptenaren bedacht hebben.
  • Authenticity:
    Het nieuwe ontwikkelt zijn eigenaardigheid en bewijst dat het uniek is. Als het in deze fase mis gaat, dan wordt het snel achterhaald.

In de beginjaren van deze eeuw bereikte internet de fase van Imitation. In een webwinkel kun je boeken bestellen die je ook in de boekenwinkel op de hoek kunt kopen. Je regelt je bankzaken online zoals je ze ook via girobetaalkaarten kunt regelen. Je onderhoudt contact met mensen via e-mail zoals je vroeger een penvriend(in) had. In plaats van een advertentie in het lokale sufferdje zet je nu je oude bank te koop op marktplaats.nl.

Dat het Internet in deze fase zo groot en onmisbaar is geworden heeft vooral met efficiëntie te maken. Niet met iets unieks. Via het internet was het alleen mogelijk om dingen makkelijker, sneller en goedkoper te doen. Het was transactie-gericht, de volgende fase is echte interactie.

Nu zitten we echter midden in de fase dat het Internet iets doet dat iets anders niet kan. Ongeveer twintig jaar na de uitvinding van Tim Berners Lee, heeft Internet eindelijk zijn ‘eigen-aardigheden’ ontwikkeld. Web2.0 is de verzamelterm voor een aantal van die eigenaardigheden. Mijn definitie van Web2.0 zou dan zijn: “Web2.0 is de benaming voor de fase waarin het internet als medium verkeert waarbij het zijn eigen en unieke mogelijkheden biedt.”

Web2.0 is een ‘hype’. Maar ook al is het een hype, het is wel degelijk iets nieuws. Hieronder een aantal voorbeelden om te laten zien wat nou die eigenaardigheden zijn.

  • Wisdom of crowds
    De klassieke regel luidt: Het geheel is meer dan de som der delen(oftewel 1+1=3). Met het nieuwe internet is dit werkelijkheid geworden. Waar vroeger een Encyclopedie samengesteld werd door een redactie en beschreven werd in minstens 10 dikke boeken (later 3 CD-ROM’s), wordt een encyclopedie nu samen gesteld door iedereen die denk iets te weten. Rondom het fenomeen ‘wiki’ is een gemeenschap ontstaan van allerlei mensen die iets weten. Iedereen heeft het recht om op te schrijven wat hij weet en iedereen heeft het recht om iemand te corrigeren als hij het beter weet. Daarmee heeft deze gemeenschap de mogelijkheid om de collectieve kennis vast te leggen en daarmee een collectief geheugen vast te leggen. Allemaal samen weten we meer dan ieder afzonderlijk.
  • Social media
    Tot halverwege vorige eeuw was Nederland een land van zuilen, een zogenaamd verzuilde samenleving. Je was katholiek of protestant, liberaal of socialist. Op basis van een beperkt aantal kenmerken, behoorde een mens tot een groep. Die groep bepaalt je identiteit, bepaalt je denkwijzen, welke krant je leest en naar welke kerk je gaat. Social media is de ontwikkeling binnen web2.0 die er voor gezorgd heeft dat een mens zijn identiteit kan ontlenen aan vele groepen. Door bijvoorbeeld lid te worden van de H&M-hyve geef je aan de dat je fan bent van het merk H&M. Daarnaast kun je ook nog eens lid zijn van de groep OnlineMarketingPioniers binnen LinkedIn zonder dat al die mensen lid zijn van dezelfde H&M-hyve. Doordat je je aan kunt sluiten bij meerdere groepen tegelijk van gelijkgestemden is het mogelijk om je eigen identiteit te vormen. Daarmee is iedereen uniek.
  • Blogs/User Generated Content
    Al heel vroeg in de geschiedenis heeft de mens ontdekt dat het belangrijk is om een mening te hebben. Toen de Grieken de democratie uitvonden bleek dat het ook belangrijk is om je mening goed over de bühne te brengen. Om dit goed te kunnen zijn er twee belangrijke voorwaarden: het moet mogen en je moet een podium hebben. De eerste voorwaarde is geregeld in de grondwet van de meeste ontwikkelde landen middels de “Vrijheid van meningsuiting”. Een groot goed dat door iedereen gekend wordt en dat beschermd moet worden. Het podium is echter lang voorbehouden geweest aan kleine groepen. De adel op de Akropolis, de geestelijken, de schrijvers en de journalisten en columnisten. Internet is dé plek waar voor iedereen een podium is. Iedereen kan er voor kiezen om op Internet zijn eigen podium op te bouwen met een eigen weblog, speeches op Youtube (Obama!) of om zich juist aan te sluiten bij een podium van eensgezinden. Door de slimheid van onder andere hedendaagse zoekmachines is het voor iedereen ook mogelijk dat zijn mening gehoord wordt. Als je een mening publiceert als artikel op een weblog of alleen maar reageert op de post van een ander, het kan gehoord worden door anderen. Iedereen kan waarde toevoegen, iedereen kan deelnemen aan een discussie.

Bovenstaande zijn slechts enkele eenvoudige voorbeelden van hoe het Internet zijn eigenaardigheden ontwikkelt. De bedoeling is om te laten zien dat, hoewel het het gehyped wordt, web2.0 hier is for stay. Ik hoop hiermee te laten zien aan al die sceptische marketeers (voorbeeld 1 en voorbeeld 2 ) en vastgeroeste managers dat er wel degelijk iets gebeurt en iets aan het veranderen is.

Het is nu taak voor bedrijven om deze ontwikkelingen te zien als een kans en deze kans ook te grijpen. Weerstand is een begrijpelijke reactie, maar daarna volgt altijd een authenticiteit. Voor elk verschijnsel binnen Web2.0 is wel een antwoord te bedenken. Het biedt juist kansen en uitdagingen voor de creatieve maar ook resultaatgerichte marketeer.